Primaire energie

Een ander woord voor bronenergie is primaire energie. Deze vorm van energie komt in de zelfde vorm je woning in, als ze gevonden worden. Voorbeelden van primaire energie, zijn bijvoorbeeld aardgas, aardolie, kolen en hout. Primaire energiebronnen zijn niet onuitputtelijk en doordat ze opraken, worden ze duur.

Elektriciteit

Alle vormen van energie hebben verlies tussen de plaats waar het geproduceerd wordt en je woning. Dit betekent dat voor alle energie die u gebruikt, de elektriciteitscentrale meer moet maken. Dit wordt berekend in factoren. Aardgas en stookolie zijn gemiddeld factor 1 en elektriciteit factor 2,5. Dit betekent van de hoeveelheid kWh dat wij thuis gebruiken, er in een elektriciteitscentrale 2,5 keer zoveel nodig is.

Zonne-energie

Zonne-energie en windenergie zijn gratis. Een goede reden om hiervan gebruik te maken. Met zonlicht kun je ruime hoeveelheden energie genereren. Hiervoor kun je zonnecollectoren gebruiken. Zelfs als je de zon niet of nauwelijks voelt, produceren ze tussen april en oktober voldoende energie. Monteer de zonnecollectoren aan de zuid, zuidoost en zuidwestzijde van je huis op het dak. Vaak zijn ze verbonden aan een tweewaardige warmwaterboiler. In de winter kan de warmwaterboiler gebruik maken van een andere bron.

Tips om je energiefactuur te doen dalen

  • Als je de was doet, vul dan je wastrommel goed tot er nog één hand bovenuit gestoken kan worden.
  • Kies het juiste wasprogramma. Enkel zeer vuile linnen hebben een voorwas programma nodig. Normaal vuile witte jas kan op 60 graden en linnen op 90.
  • Zorg bij de was dat je toestel niet teveel wasmiddel gebruikt en ontkalk hem regelmatig.
  • Centrifugeer je was goed, maar kies het juiste programma. Synthetisch materiaal is sneller droog dan linnen.
  • Met mooi weer kan de was heel goed buiten op een rekje of waslijn hangen.
  • Kook op energiezuinig aardgas of op inductieplaten. Voor elektrisch koken kun je het beste de kookplaat voor het einde van de bereidingstijd uit zetten en met de restwarmte verder koken.
  • Kook met weinig water en een deksel op de pan.
  • Schakel de vaatwasser pas aan als hij volledig vol zit.
  • Gebruik in de vaatwasser niet teveel afwasmiddel en reinig de filter regelmatig.
  • Kies een lichte kleur voor de muren. Dit weerkaatst het licht beter.
  • Benut zoveel mogelijk zonlicht door grote ramen. Zonlicht is gratis.
  • Installeer een tijdschakelaar op bepaalde plekken waar je niet vaak komt, zoals de kelder. Zo schakelt het licht zichzelf uit.
  • Kies een spaarlamp of ledlamp voor buitenverlichting die hele nachten branden. Of nog beter, kies buitenverlichting op zonne-energie en bewegingssensoren.
  • Hoe lang je ook uit een kamer bent, schakel de lichten uit. Aan en uit zetten kost geen extra energie namelijk.
  • Schakel ongebruikte apparatuur uit. De zogenaamde sluimerstand of waakstand zorgt al snel voor 10% van de totaal gebruikte energie, zonder dat je het door hebt.

Fabels over energie besparen

  • Energie besparen betekent koudere huizen, minder licht en dus minder comfort.

Door je huis te isoleren, hoef je 30 tot 40% minder energie te besteden aan de verwarming. De warmte gaat namelijk moeilijker tot niet uit je huis. Hierdoor blijft het binnenklimaat in balans. Tocht, vocht en hitte kunnen ook minder goed je huis binnenkomen. Het zelfde geld voor de verlichting. Gloeilampen kosten tot wel 85% meer dan een zuinige spaarlamp, Daarnaast gaan spaarlampen ook nog eens veel langer mee gaat dan een gloeilamp. Als laatste moeten we zeker niet de cv-ketel vergeten. Een ketel van 15 jaar of ouder kan namelijk beter vervangen worden door een nieuwe ketel. Een nieuwe ketel doet je kosten al 20 tot 30% dalen! De aanschaf wordt hierdoor snel terugverdiend. Laat uw voordeel berekenen door ABCV.be.

  • Een lamp vaak aan en uit schakelen kost veel meer stroom dan hem aan te houden.

Lampen kun je beter uitschakelen als je de kamer niet gebruikt. Zelfs al wordt de kamer heel even niet gebruikt omdat het bijvoorbeeld tijd is voor het eten. Het aan en uit zetten van het licht kost namelijk geen extra stroom en de nieuwste lampen hebben ook geen slijtage meer.

  • Je kunt 50% energie besparen door je lamp 50% te dimmen.

In werkelijkheid is de besparing van dimmende lampen niet zoveel. Ondanks dat de lamp op 50% dimmen staat, gebruikt de lamp namelijk nog steeds ongeveer 75%. Als je de lamp altijd op dimmen zet, is een besparende lamp met lager vermogen een betere keuze.

  • Een televisietoestel en een computer gebruiken evenveel energie.

Gemiddeld gebruikt een televisietoestel vijf keer minder energie dan een gemiddelde computer. Dit komt omdat een televisietoestel minder apparatuur van stroom hoeft te voorzien. Zo heeft een computer nog een harde schijf en ventilator die ook energie gebruiken. In beide gevallen geld dat het belangrijk is de toestellen volledig uit te zetten, wanneer ze niet gebruikt worden. Stand-by verbruikt namelijk ook erg veel energie.

  • De mobiele oplader verbruikt geen energie meer wanneer de mobiel is opgeladen.

Draadloze apparatuur met oplaadbare batterijen zoals telefoons, tandenborstels, laptops en kruimeldieven gebruiken altijd energie als ze in hun lader zitten, ook als ze voor 100% zijn opgeladen.